
Europa: niet een gebrek aan zelfvertrouwen, maar een teveel aan regels
Europa kan wel wat meer zelfvertrouwen gebruiken als het aankomt op ontwikkeling van technologie, schreef Paul van Gerven vorige maand in High-Tech Systems. Ik ben het ermee eens dat Europa zelfstandiger moet worden en meer verantwoordelijkheid moet nemen voor zijn eigen toekomst. Maar ik denk niet dat een gebrek aan zelfvertrouwen ons grootste probleem is.

Dat zelfvertrouwen is er namelijk wel degelijk. We hebben vooruitstrevende ondernemers, een stabiele en competente technologiebasis en zijn, zeker in Nederland en de omliggende regio, buitengewoon sterk in disruptieve innovatie. Amerikaanse investeerders weten niet voor niets onze groeiparels prima te vinden. Omgekeerd denken Europese investeerders, banken en pensioenfondsen dat ze in de VS moeten zijn om rendement te behalen. In feite zou je kunnen zeggen dat de Amerikanen dus onze topbedrijven kopen met ons eigen geld! Zo geven wij het initiatief, de sturing en de winst uit handen.
We kunnen een grote ommekeer bewerkstelligen als ons spaargeld, ons pensioengeld en onze eigen investeringen rechtstreeks naar onze bedrijven gaan. Dan hebben we zelf zeggenschap in plaats van die weg te geven aan de financiële wereld, waarin de VS domineert. En we verkrijgen meer operationele slagkracht door de overregulering in Europa minder rigide toe te passen.
Want de kapitaalsituatie is niet het enige waar het aan schort. Een tweede, even dodelijk euvel is dat we ons hebben vastgezet in een web van regels. We hebben de collectieve verwachting ontwikkeld dat de overheid alles moet regelen. Tegelijkertijd heeft de overheid die rol ook steeds nadrukkelijker naar zich toegetrokken. Voor elk incident komt er een nieuwe wet, voor elk probleem een nieuwe regel. De gedachte is steeds dat risico’s kunnen worden weggenomen door meer voorschriften op te leggen.
Het resultaat zien we inmiddels overal om ons heen. De samenleving beweegt stroperiger, organisaties lopen vast en het oplossen van problemen met innovatie wordt afgeremd. Er is altijd wel een regel die verhindert wat op dat moment nodig is. De overheid zelf lijkt verstrikt geraakt in haar eigen systeem. Grote dossiers als stikstof en netcongestie slepen jarenlang voort zonder oplossing. Als er ergens een gebrek aan zelfvertrouwen zichtbaar is, dan is het daar: binnen bestuurlijke en politieke instituties die niet meer durven af te wijken van procedures.
Dat zien we ook op Europees niveau. Op cruciale dossiers zoals defensie en buitenlands beleid worstelt Europa met besluitvorming, terwijl de oorlog in Oekraïne juist vraagt om daadkracht en richting. Er lijkt niemand op te staan die bereid is verantwoordelijkheid te nemen en een duidelijke koers uit te zetten.
Misschien moeten we daarom minder kijken naar wat overheden nog méér kunnen doen en meer naar wat zij zouden moeten loslaten. Geef ondernemers, bedrijven en burgers de ruimte om oplossingen te ontwikkelen. Maak het doel belangrijker dan de regels. Dat vraagt van overheden dat zij een deel van hun opgebouwde macht teruggeven, zodat er ruimte ontstaat om te ondernemen en te vernieuwen.