Recordgroei voor Belgische producenten van landbouwmachines

Tom Cassauwers
Leestijd: 1 minuut

De omzet van makers van landbouwmachines in België staat op een hoogtepunt volgens cijfers van sectororganisatie Agoria. De omzet steeg tijdens het vierde kwartaal van 2022 met 38% vergeleken met dezelfde periode in 2021.

De explosieve groei houdt al een tijdje aan. In de eerste helft van 2020 maakte de omzet een crash mee, tijdens het begin van de COVID-19-pandemie. Maar sindsdien gaan de cijfers de hoogte in. Q4 van 2022 was het tiende kwartaal op rij waarbij de evolutie positief was.

Foto: CNH Industrial

Inflatie konden de bedrijven doorberekenen aan hun klanten, wat een deel van de stijging verklaart. Ook bevoorradingsproblemen lijken steeds minder aanwezig bij de Belgische bedrijven.

CNH Industrial, met Belgische hoofdzetel in Zedelgem, is veruit de grootste Belgische landbouwmachinemaker, met een omzet van €1,7 miljard in 2021. De meeste makers van landbouwmachines in België zijn net als CNH gevestigd in West-Vlaanderen, de regio naast de Belgische kust. Daar vind je ook kleinere spelers zoals AVR (€66 miljoen omzet in 2021), Dewulf (€56 miljoen omzet) en Delvano (€10 miljoen omzet). In Franstalig België vind je ook spelers zoals JOSKIN (€128 miljoen omzet).

Het zijn echter niet enkel succesverhalen in België. Packo Cooling, een producent van melkkoeltanks, vroeg eind februari van dit jaar het faillissement aan, onder andere omwille van de oorlog in Oekraïne en de onzekerheid die het stikstofdossier bij Belgische boeren veroorzaakt.