Hoge kosten nekken ASML’s concept om radio-isotopen zonder kernreactoren te produceren

Paul van Gerven
Leestijd: 8 minuten

Een concept uit de koker van ASML om zonder kernreactoren radio-isotopen voor medische doeleinden te produceren, is in het zicht van de haven gestrand. Niet omdat het systeem niet werkt, maar omdat de complexiteit en daarmee de kosten uit de hand liepen.

In 2012 zag het er niet rooskleurig uit voor de Europese productie van radio-isotopen. De nucleaire onderzoeksreactoren die deze onmisbare ingrediënten voor de nucleaire geneeskunde produceren, waren dusdanig verouderd dat sluiting dreigde. Of op zijn minst toe waren aan een grondige en tijdrovende renovatie. ‘Er was een reëel gevaar dat er vanaf midden tot eind van de jaren twintig niet genoeg capaciteit meer zou zijn’, zegt Erich Kollegger, ceo van het Institut National des Radioéléments (IRE), een van de twee Europese organisaties die radio-isotopen extraheert uit bestraalde monsters van verrijkt uranium.

Voor een constante aanvoer van radio-isotopen zijn ten minste twee kernreactoren nodig. Omdat het onmogelijk is om een voorraad aan te leggen van een materiaal dat in enkele dagen of weken vervalt, moeten ze elkaar afwisselen. Terwijl de ene reactor stilligt om ‘bij te tanken’ of om kleine onderhoudswerkzaamheden uit te voeren, draait de andere op volle toeren. Momenteel leveren zelfs drie reactoren om beurten ruwe isotopenmengsels aan het IRE. Zo slaagt de Belgische non-profitorganisatie er al jaren in om bijna elke week, 52 weken per jaar, radio-isotopen te leveren aan medische organisaties in de hele wereld. Bijna elke week, want het afgelopen decennium is de levering noodgedwongen enkele malen onderbroken wegens onvoorziene shutdowns.

Dit artikel is exclusief voor premium leden van High-Tech Systems Magazine. Al premium lid? Log dan in. Nog geen premium lid? Neem dan een premium lidmaatschap en geniet van alle voordelen.

Inloggen

Problemen met inloggen? Bel dan (tijdens kantooruren) naar 024 350 3532 of stuur een e-mail naar info@techwatch.nl.