Drachten geeft het goede voorbeeld

Alexander Pil is hoofdredacteur van Mechatronica&Machinebouw.

Leestijd: 3 minuten

Het is de jaarlijkse hoogmis van de industrie, de Hannover Messe. Het zal u niet zijn ontgaan dat Nederland dit jaar partnerland was van de industriebeurs. Zelfs het NOS-journaal opende ermee. Waar Vladimir Poetin vorig jaar Angela Merkel vergezelde op een rondleiding over de beurs, toonde premier Mark Rutte vorige week aan de bondskanselier wat Nederland te bieden heeft. Blije gezichten alom.

De Nederlandse industrie maakte van de gelegenheid gebruik om zich te profileren op het gebied van slimme maakindustrie. Geen gekke keuze want in Duitsland is Industrie 4.0 (zoals onze oosterburen het noemen) überhot. Op initiatief van de Duitse overheid werkt de industrie er hard aan de op handen zijnde overgang naar intelligente fabrieken. Smart Industry, zo hebben FME, TNO, de Kamer van Koophandel, VNO-NCW en het ministerie van Economische Zaken de Nederlandse tegenhanger van het Duitse Industrie 4.0 gedoopt (een mooie Nederlandse vertaling zal er wel niet komen, vrees ik).

In een eerdere column zette ik al eens kanttekeningen bij de trend. De Duitsers mogen dan ambitieus roepen dat het de vierde industriële revolutie is, zelf zie ik het meer als een logisch vervolg op de toenemende digitalisering van fabrieken (officieel de derde industriële revolutie). Hooguit een evolutie want er moeten nog veel te veel hobbels worden genomen voor een revolutie. Denk alleen maar aan big data-problemen, security-issues en de Babylonische spraakverwarring die ontstaat als alle systemen, ook buiten de grenzen van hun eigen marktsegment, met elkaar proberen te communiceren.

Dit artikel is exclusief voor premium leden van High-Tech Systems Magazine. Al premium lid? Log dan in. Nog geen premium lid? Neem dan een premium lidmaatschap en geniet van alle voordelen.

Inloggen

Problemen met inloggen? Bel dan (tijdens kantooruren) naar 024 350 3532 of stuur een e-mail naar info@techwatch.nl.